Voor de meeste kinderen is leren lezen en schrijven iets ontzettend leuks. Ze ontdekken wat je allemaal met geschreven taal kunt en er gaat een hele nieuwe wereld voor ze open. Opeens kunnen ze lezen wat er op het briefje van mama aan papa staat, wat op het bord langs de straat en wat er  op het pak hagelslag staat beschreven. Helaas is het niet voor elk kind een proces van blijdschap en ontdekkingen. Sommige kinderen hebben zoveel moeite met leren lezen en schrijven dat ze al snel een afkeer krijgen en er liever niet meer mee aan de slag gaan.

Leren lezen

Een kind leert vanaf ongeveer 6 jaar lezen en schrijven. De fase van beginnende geletterdheid begint echter al veel eerder. Kinderen leren als kleuter al dat er een relatie bestaat tussen gesproken en geschreven taal. Ze gaan letters herkennen, ze zien dat verhalen uit heel veel woorden bestaan, en woorden weer uit klanken. Een aantal kinderen ontdekt het alfabetisch principe min of meer spontaan in de kleuterperiode. De meeste kinderen komen echter pas zover via geleide instructie in groep 3.  In de fase van gevorderde geletterdheid leren kinderen steeds sneller woorden te herkennen (het leesproces begint zich te automatiseren). Kinderen kunnen zich dan meer op de betekenis van de woorden richten en op de inhoud van de tekst. Ook gaan ze begrijpen dat er verschillende soorten teksten zijn (informatieve of verhalende teksten) en hoe een tekst is opgebouwd. De grootste groep kinderen leert zonder al te veel problemen lezen.

Een kleine groep kinderen heeft echter meer moeite met leren lezen en schrijven. Deze groep kinderen heeft meer instructie nodig en meer oefentijd. Het wil zeker niet zeggen dat al deze kinderen dyslectisch zijn. Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 4% van alle leerlingen dyslectisch zijn.

En spellen dan?

Kinderen die veel moeite hebben met lezen hebben vaak ook moeite met spellen (dit is echter niet altijd het geval). Over het algemeen gaat men er vanuit dat leren spellen een moeilijker proces is dan leren lezen. Bij lezen worden de letters (die al in de juiste volgorde staan) omgezet tot klanken en woorden, bij spelling moeten de juiste tekens (letters) gekozen worden bij de klanken die men hoort en de volgorde moet ook nog bepaald worden. Ook motorisch kan het schrijven veel vragen van een kind. Wanneer een kind moeite heeft met de klank-tekenkoppeling kan dit in groep 3 al zorgen voor grote problemen. Het schrijven van klankzuivere woorden (je schrijft het woord zoals je het hoort) is voor deze kinderen al erg lastig. Later, vanaf halverwege groep 4, worden er ook steeds meer spellingregels en afspraken behandeld (open en gesloten lettergrepen en werkwoordspelling etc.). Op veel spellingregels zijn er ook weer uitzonderingen die kinderen moeten leren. Spelling is dus behoorlijk complex en niet elk kind leert dit even makkelijk.

Enkele feiten over leesachterstanden:

  • Niet elk kind leert even snel lezen.
  • De leeftijd van negen jaar blijkt bij het leren lezen cruciaal. Na die leeftijd leren kinderen veel minder gemakkelijk lezen (tijdig ingrijpen dus).
  • De oorzaak van de leesachterstand hoeft niet altijd bij het kind te liggen (door slecht leesonderwijs en/of een gebrekkige taalomgeving thuis kunnen ook achterstanden ontstaan).
  • Bij ongeveer 4% van alle leerlingen is de oorzaak dyslexie.
  • Ander oorzaken van een leesachterstand kunnen o.a. zijn: gehoorproblemen, zichtproblemen, concentratieproblemen, sociaal-emotionele problemen, lage verwerkingssnelheid.
  • Zwakke lezers hebben wel 2 tot 6 x zoveel oefentijd nodig dan snelle lezers om tot een voldoende leesniveau te komen.

Wat kun je zelf doen?

Al in een vroeg stadium is het belangrijk om boekjes te lezen met je kind. Kleine kinderen vinden het heerlijk om plaatjes te kijken en daarbij het juiste woord te noemen. Verhalen willen kinderen het liefst meerdere keren horen, dit stimuleert ook de taalontwikkeling. Sommige kinderen herkennen hun ‘eigen’ letters en gaan hiermee aan de slag op papier. Wanneer je kind in groep 3 zit is het belangrijk om thuis regelmatig te lezen. Sommige kinderen zullen dit uit zichzelf doen omdat ze het leuk vinden, maar juist de zwakkere lezers slaan dit liever over. Het is dan extra belangrijk om het leesmomentje gezellig te maken en om te zorgen voor leuke, aantrekkelijke boekjes. Er kan samen gelezen worden met een ouder, zodat het kind de helft van het verhaal ‘cadeau krijgt’. Er bestaan ‘samenleesboeken’ waarin er makkelijkere en moeilijkere stukjes tekst afgewisseld worden. Probeer het lezen levendig te houden door samen de plaatjes te bekijken of om nog even na te praten over het verhaal. Het is belangrijk dat er boekjes gekozen worden die aansluiten bij leesniveau van het kind (aangegeven in AVI-niveau) en die qua thema bij het kind passen (denk aan voetbal, avonturen, dieren, vriendschappen etc.).  Wanneer je als ouder het schrijven ook thuis wil stimuleren kan je denken aan spelletjes boeken, boodschappenlijstjes maken, dagboeken, woordjes bij plaatjes schrijven etc. Het is belangrijk dat het op een speelse manier gebeurt waarvan je kind gemotiveerd raakt en niet het idee heeft dat het moet presteren.

Wanneer hulp inschakelen

Wanneer blijkt dat je kind veel moeite blijft houden met lezen of spellen (ook na extra oefening in de klas en thuis), kan het zijn dat er extra zorg nodig is buiten de klas. Een remedial teacher kan met je kind aan de slag om het leesproces aan te pakken of om de spelling te verbeteren. Bij Kinder- en jeugdpraktijk Helder kun je terecht voor remedial teaching voor lezen en spellen. Één keer per week komt je kind dan naar de praktijk en daarnaast wordt er (afhankelijk van de leeftijd) huiswerk meegegeven. Wanneer ouders vragen hebben over de oorzaak van de leerproblemen kan een psycho-didactisch onderzoek verheldering bieden. De psychologen van Helder hebben veel kennis op het gebied van leerproblemen en je bent altijd welkom voor een gratis kennismaking waarbij je je vragen hierover kunt stellen. Samen kunnen we dan kijken of begeleiding en/of onderzoek aan te raden is.